Het wil maar geen nacht worden

De dag van vertrek is al net zo druilerig al gisteren. Het is 9 graden en grijs. Het lijkt wel herfst! Het zomervakantiegevoel wil nog niet zo komen. We zijn al een heel eind onderweg op de Duitse autosnelweg als de bewolking wat lijkt te breken en uit de speakers “Let the sunshine in” klinkt. Ik zie alles behalve zon, en vooral de beelden van hoofdrolspeler Claude uit de muziekfilm Hair, die tegen zijn zin en per ongeluk in een oorlog belandt.

Naarmate we noordelijker komen lost het grijs wat op en verschijnen dikke plukken wit tegen een vaalblauwe achtergrond. Ook de wolken verdwijnen en als we de Deense grens zijn gepasseerd rijden we onder een strakblauwe hemel. De temperatuur is inmiddels verdubbeld tot 18 graden en laat in de middag halen we zelfs nog de 20. Het is de omgekeerde wereld: meestal wordt het kouder als we deze kant op gaan.

De modderige stoppelvelden van begin april hebben plaatsgemaakt voor fluwelige zomertarwe. Ook de uitgebloeide velden koolzaad staan er pluizig zacht bij. Alles buigt en wiegt mee met de wind in dit glooiende landschap, waar windmolens als trage reuzen de dienst uitmaken. Alleen de frisgroene, nog kleine sprieten mais blijven scherp rechtop keurig in ’t gelid staan.

Wollepluis verraadt een moerassige plek

Wollepluis verraadt een moerassige plek

Als we onze eindbestemming naderen wordt de natuur ruiger, de kleuren aardser. Duinen met bleek helmgras worden geflankeerd door borstelige bruine heide met hier en daar een gele brem. Bosjes wollepluis verraden de aanwezigheid van een stukje drassige weide. We hebben ons (eerste) onderkomen van deze vakantie tijdens het vorige bliksembezoek al gezocht, gevonden en goedgekeurd, dus we rijden er nu zo heen. Middenin de natuur van Nationalpark Thy, verscholen achter een groepje bomen, ligt Winston – ons onderkomen voor de komende twee weken.

De zon schijnt nog volop als we arriveren – we zijn hier niet eerder in deze tijd van het jaar geweest, ‘laat’, voor ons doen. We pakken de auto uit en strekken meteen daarna de benen even. Na het eerste verkennende rondje stillen we onze trek en richten we Winston verder in. De slaap slaat toe, maar nu al naar bed…. ’t Is nog zo licht… Totdat we beseffen dat het al ver na onze gebruikelijke bedtijd is. Thuis is het dan donker; hier lijkt het nog eind van de middag.

Als ik weer wakker word, belooft het een mooie dag te worden: helder weer, de roep van de koekoek overstemt het gekwetter van de zwaluwen, we kunnen het ruisen van de zee horen. Echt uitgeslapen voel ik me niet, en ik snap pas waarom niet als ik op mijn klokje zie hoe vroeg het nog is: 4 uur. Ik vraag me af of het in de tussentijd wel donker is geweest… en dan hebben we de kortste nacht nog niet eens gehad!

Winston in de avondzon

Winston in de avondzon

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s