Oranje besjes en boleten

We zijn in de boekhandel om twee bestelde woordenboeken op te halen als ons oog valt op dat ene boek tegenover de kassa: Havtorn, nordens citron. Een zeer smakelijk uitziend kookboek waarin de duindoorn centraal staat. Ik ken het besje vooral als ingrediënt van mijn favoriete huidolie. Dat het ook voor menselijke consumptie geschikt is… ik had geen idee, tot nu toe.

Hier aan de Deense kust kun je op weg naar zee geen duin door zonder de opvallende struik te zien. Op dit moment van het jaar draagt zij uitbundig oranjegele vrucht. Het boek prikkelt niet alleen onze zintuigen (van de mooie plaatjes en de verwijzing naar citroen loopt het water ons al in de mond) maar ook onze culinaire nieuwsgierigheid. We nemen het mee. En doe er dan ook dat kassakoopje over eetbare paddenstoelen maar bij… Samen met Gyldendals Røde Ordbøger (de Deense versie van Van Dale) moeten we er toch uit kunnen komen welke lækkert en welke giftig zijn.

Bij het bestellen kan ik me aardig redden in het Deens, al begrijp ik niet alles wat de verkoopster allemaal terugzegt. Voor ik er erg in heb heeft ze alles in een plastic tas gestopt en ik ben nog niet ad rem genoeg in det Danske sprog om te zeggen: Nee, dat hoeft niet, we hebben een rugzak… Denen zijn nogal ruim in het uitdelen van plastic tasjes, helaas.

Thuis duiken we de boeken in, en internet op. Bijzonder besje, die duindoorn. Het barst – onder meer – van het halve alfabet aan vitaminen en vier onverzadigde omega-vetzuren. Indrukwekkend! Dat het een weldaad is voor je huid wist ik dus al, maar dat het ook inwendig zoveel goed doet is nieuw.

Jaap zoekt de beste besjes uit

Jaap zoekt de beste besjes uit

Tijd om de duinen op te zoeken, gewapend met snoeischaar die we hier in de schuur vinden en (kan het toch nog ergens nuttig voor gebruikt worden) het plastic tasje uit de boekenwinkel. Want het donkeroranje sap uit de besjes is als verfstof, dus maar niet verzamelen in de rugzak of Jaaps leren hoed.

Hier in Denemarken is het namelijk toegestaan ‘zoveel voor eigen gebruik te plukken als in je hoed past’, hebben we in het kookboek gelezen. En omdat deze regel in een grijs verleden is bedacht, en de Denen vandaag de dag geen hoeden meer dragen maar wel plastic tasjes, is de vertaalslag gemaakt: je mag zoveel plukken als in een gemiddeld plastic tasje past…

Op één vierkante meter vinden we voldoende om dat tasje te vullen. We snoeien hier en daar netjes een takje rijk begroeid met besjes af. Die besjes ter plekke plukken is geen optie: ze zitten zo strak tegen de takken aan dat ze tussen de vingers ontploffen. Bovendien heet de struik niet voor niets zo: tussen de trossen besjes zitten akelig lange en scherpe doorns.

Ik knip, Jaap plukt en knijpt

Ik knip, Jaap plukt en knijpt

De bedoeling is ze thuis in te vriezen (met tak en al dus), dan schijn je daarna de bevroren besjes er zo af te kunnen schudden. Na een etmaal zijn de besjes koud, maar nog lang niet berijpt voor een vrije val. Dan dus toch maar het zeil op tafel en opnieuw de snoeischaar en een nagelschaartje ter hand nemen. Wat een pokkewerk! Nu snap ik waarom mijn fijne huidolie zo duur is… Maar na een uur knippen, knijpen en plukken hebben we een zodanig bergje besjes dat we het tijd vinden voor het eerste eet-experiment. Op het menu vanavond staat rode kool, en daar lijkt mij een handvol van die besjes prima bij smaken.

Het is een ware openbaring. Bij elke hap een besje mee en het moment dat je hier op bijt en de inhoud in je mond ontploft… onvergelijkbaar lekker! Duindoorn heeft het zuurtje van citroen, het exotisch-zoete van passievrucht en een geheel eigen bittertje. We zijn acuut verslaafd.

Het Oranje Goud in een steelpannetje

Het Oranje Goud in een steelpannetje

De rest van de besjes gaat de pan in. Even de kook er over en het hele huis ruikt heerlijk naar intens oranje, naar zon, zoet, zuur en zaligheid. Het gekookte prutje gaat door de zeef en dat levert een lekker dik sap op. De schillen en de pitjes gaan in een bakje bovenop de houtkachel om te drogen. Bij een volgende portie droog ik de resten niet, maar gaan die in de blender samen met rozemarijn en wat olie voor een prachtige oranje duindoornolie.

Flesje duindoorndiksap in de koelkast...

Flesje duindoorndiksap in de koelkast…

... en de restjes drogen op de houtkachel

… en de restjes drogen op de houtkachel

Nu ook nog met dat paddenstoelenboekje op pad. Dat zal wat lastiger worden. Ook al staan de eetbare en de beter-niet-te-eten versie die er zeer veel op lijkt naast elkaar in dat boekje, de één in een groen kadertje en de ander in een rood, juist daar zit ‘m de kneep voor ons eetbare-natuur-leken. Mochten jullie te lang niks meer van ons horen, dan hebben we in onze oranje juichstemming de Satansboleet toch voor een gewone heksenboleet aangezien…

 

Advertenties

2 thoughts on “Oranje besjes en boleten

  1. Pingback: Het Rozenbottel Project | Levensjutters

  2. Pingback: Trockenbeerenauslese vliereiswein | Levensjutters

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s