Het blauwe kistje

Mijn vader schreef méér dan alleen mooie volzinnen in reisdagboekjes. Toen ik eenmaal geboren was, stopte mijn moeder met de dagboekjes en nam mijn vader het schrijven over. De meeste boekjes die ik heb zijn dus ook onze vakanties door zijn ogen, in tegenstelling tot wat ik tot nu toe gepubliceerd heb, wat vooral mijn moeders pen was.

Het meest geraakt was ik – en ben ik nog steeds – door twee uitgescheurde velletjes schrijfsels van mijn vaders hand die ik enkele jaren geleden na het overlijden van mijn moeder vond in ‘het blauwe kistje’. Daarin zat alles wat belangrijk was, wist ik. In het overwegend lege kluisje vond ik indertijd onder meer mijn Zwitsal Babyboekje, waarin mijn vader nauwgezet al mijn mijlpalen heeft bijgehouden, vanaf de dinsdag 9.10 uur dat ik ter wereld kwam, tot 3 maart 1986 toen ik voor de eerste keer in mijn leven een forse operatie moest ondergaan.

Ik kende dat boekje, had het ooit wel eens opengeslagen en gelezen. Maar de twee aan elkaar geplakte kleine papiertjes waren nieuw voor me. Twee minuscule kladblaadjes uit een oude mini Succes-agenda, met daarop het regelmatige en in dit geval eveneens minuscule handschrift van mijn vader.

Het is twee maanden nadat hij de laatste bladzijden, en die laatste zin, in het reisdagboekje ‘1956’ heeft geschreven.

30 oct: 1e bezoek bij dr. Holst. Geen resultaat. Afwachten.

16 nov: 2e bezoek bij dr. Holst. Urine-onderzoek. Intussen 5 pond zwaarder.

21 nov: urine-onderzoek is positief. Na telefonisch bericht niet in hoerastemming. Weinig klachten.

27 dec: onderzoek dr. Holst. Intussen 8 pond zwaarder. Vitaminen slikken.

1 feb: onderzoek dr. Holst. Intussen 20 pond aangekomen. Alles moet zoutarm gegeten worden. Voor ’t overige gaat alles erg best. Brief meegekregen voor nieuwe dokter.

19 feb 1957: voor ’t eerst naar dr. Molenaar in Zwolle. Prettige indruk gekregen. Door blijven gaan met zoutarm eten. Beetje last van hoge bloeddruk en schildklier.

28 feb: naar dr. Molenaar. Bloeddruk goed. Doorgaan met zoutarm eten. Alles gaat dus prima. Met mevr. B. alle inkopen gedaan en we komen toch al echt in de goede stemming. Zr. Broek is inmiddels op bezoek geweest. Nog altijd een vraagteken thuis of ziekenhuis. In de maand maart gaat alles voorspoedig. Wij vinden het een groot evenement en wachten in spanning af.

2 april: ontstellende mededeling bij doktersbezoek. Kind is waarschijnlijk dood. Zeer hoge bloeddruk. Direct plat in bed met enkel fruit als leeftocht. Dezelfde dag komt dr. Molenaar nog terug en met een bezorgd gelaat gaan we de komende dingen afwachten. Mevr. S. is helemaal overstuur.

3 april: de huisdokter kan nog geen leven bespeuren. Voortgaan met fruitdieet.

4 april: als op 3 april maar nu wordt de vrouwenarts geconsulteerd, die wel beweging waarneemt doch wijst op de kritieke toestand die inmiddels zijn hoogtepunt heeft gevonden. Volstrekt zoutloos eten en waarschijnlijk tot de bevalling absolute bedrust.

5 april: huisdokter neemt nog altijd hoge bloeddruk waar.

6 april: de dokter kan vandaag iets optimistischer zijn.

8 april: de dokter blijft komen. Twee hulpen in huis, ’t kan niet op.

9 april: weer dokter, met steeds hetzelfde bericht. Santje is er. Diner valt tegen. (Santje was de beste vriendin van mijn moeder)

11-16 april: huisdokter voor routine-onderzoek. Hij neemt weer sterker hartkloppingen waar. Als het een jongen is noemen we hem Maarten en anders Olga.

19 april, Goede Vrijdag: ’s morgens om 8 uur buikklachten, om 9 uur vloeiingen en ruim een uur later ligt Gonnie in het ziekenhuis waar dr. Ten Brink geen leven meer waarneemt, maar dezelfde dag nog geen verdere beslissing wil nemen.

23 april: met kinine en wonderolie begint om 5 uur ’s morgens de kunstmatige opwekking. Tijdens het avondbezoekuur komen de weeën met tussenpozen van 5 min en bij weggaan om de 4 min. Zo wordt de naderende geboorte aangekondigd die volgens de dokter extra moeilijk zal zijn.

 24 april 1957: 03.10 uur wordt na 20 min persweeën een levenloos jongetje geboren. Om 7 uur word ik gebeld dat Gonnie het goed maakt, want ondanks herhaald aandringen mocht ik niet komen. Het is een ontroostbare Gonnie.

 26 april 1957: 10 uur begrafenis op Kranenburg. Het doek valt.  

Toen ik dit voor het eerst las, waren het de meeste woorden achter elkaar die ik ooit over mijn broer had ‘gehoord’. Mijn broer was dood geboren en werd vervolgens doodgezwegen. Zo ging dat in die tijd. Pas na het overlijden van mijn vorige partner, 20 jaar geleden, leek er vooral bij mijn vader iets structureel geknakt te zijn waardoor hij bij zijn eigen verdriet kon. Voor die tijd wist ik vooral van mijn moeder ‘hoe erg’ het indertijd allemaal geweest was. Niet minder, maar ook niet veel méér.

Ze had haar eerste kind, toen dat levenloos ter wereld was gekomen, in ieder geval niet meer mogen zien, of vasthouden. Mijn vader had niet bij haar mogen komen toen ze hem het hardst nodig had. Als mijn moeder iets vertelde over die periode, dan was het vaak alleen maar dit, en hoe boos ze hierom nu nog kon worden op de nonnen van het katholieke ziekenhuis.

Als ik bovenstaande tekst van mijn vader lees, word ik met terugwerkende kracht ook nog boos. ‘Gebeld dat Gonnie het goed maakt’…

Onvoorstelbaar.

dood geboren kind, doodgeboren, aangifte overlijden
Een naam heeft mijn broer (formeel) nooit gekregen. Zelfs zijn geslacht wordt in de aangifte bij de burgerlijke stand niet genoemd: een levenloos ‘kind’. Mijn broer Maarten heeft een anoniem graf gekregen.

 

Advertenties

13 gedachtes over “Het blauwe kistje

  1. Wat was me dat toch hard en kil in die tijd… dat moet verschrikkelijk zijn geweest voor je ouders. Ik had ook een zeer ernstige zwangerschapsvergiftiging en mijn kind heeft het wel overleefd, maar nipt. Zonder mijn toenmalige man naast mij had ik me wel heel verlaten en angstig gevoeld. Hoe moet je moeder zich hebben gevoeld? En je vader die machteloos stond…
    Die verdomde nonnen toch. Wat erg.

    Liked by 2 people

    1. Ach jeetje… je bent een bijna-ervaringsdeskundige… Fijn om te lezen dat jouw kind het gered heeft. Tja, die nonnen he… juist zij, die al deze ervaringen bewust hebben afgezworen: de vleselijke liefde, het wonder van de geboorte van een nieuw mens, die dus geen greintje empathie ook kúnnen hebben met een moeder die met lege handen staat… 😦

      Liked by 1 persoon

    1. Ik kan me voorstellen dat dit bij jou anders binnenkomt dan bij de ‘gemiddelde’ lezer, lieve Marije… Gelukkig gaat het tegenwoordig zo anders, met in ieder geval meer empathie van de kraamzorg om zo’n bevalling heen, dan indertijd van de nonnen… Knuffel! ❤

      Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s