Blad voor een blote bodem

Sinds ik lees over permacultuur en ik de beginselen hiervan voorzichtig zowel in Nederland als in Denemarken in de praktijk breng, kijk ik anders aan tegen gevallen herfstblad. Net zoals elke los gewaaide of gesnoeide polsdikke tak tegenwoordig potentieel voer voor de kachel is, en elk dunner twijgje een nieuwe bestemming in de takkenril vindt, zo is elk blad nu mulch.

Voer voor een gezonde bodem. Compost in wording, rechtstreeks uit de boom. Zonder tussenkomst van bezems, korven, bladveegwagens en een afvalinzamelaar. Maar ja: in een stenen stad moet je natuurlijk wat; hier levert afgevallen blad vooral hinder op en dus moet het weg. Van de straat, van de stoep, uit de tuin…

In de gemeente Nijmegen staan in totaal 530 bladkorven. Geplaatst om de bewoners ‘een handje te helpen bij het opruimen van blad van gemeentelijke bomen. In de bladkorven kunt u het blad van de gemeentelijke bomen dat in de tuin en op straat ligt doen’. Volgens mij is het eerder andersom. Dat wij, de bewoners, hiermee De Afval Recycler (DAR) helpen, maar goed.

bladkorf

Een bladkorf in onze wijk, vanwege de overlast van al dat blad op je stoep of erger: in je voortuin

Die bladkorven worden niet zomaar ergens willekeurig neergezet. Alle locaties moeten voldoen aan verschillende voorwaarden, zoals ‘in straten met gemeentelijke bomen hoger dan 15 meter waar overlast van blad wordt ervaren als blad in de voortuinen waait’. Tja, ik geef het eerlijk toe: ook ik heb ooit blad uit mijn voortuin aangeharkt en in de groencontainer gestopt (toen er nog geen bladkorven bestonden). Wat moest je er anders mee? Maar tegenwoordig doe ik dat niet meer dus.

Het is de beste ‘mest’ voor de tuin. Ik veeg mijn tuinpaadjes wel schoon – want: nat wordt ’t glibberig – maar mik het vervolgens gewoon tussen de planten. Grote eikenbladeren knip ik bij gebrek aan een grasmaaier in Nijmegen nog wat kleiner met de heggenschaar, en zo vormt het een perfect winterdekentje voor een rijk ondergronds leven.

Mulchen (spreek uit: multjsen) is het toedekken van de bodem met een laag organisch materiaal. Dat kunnen dus herfstbladeren zijn, gemaaid gras, houtsnippers, maar ook ‘afval’ uit de moestuin zoals het blad van de rabarber, het loof van aardappels of bieten of de brandnetels die we niet meer nodig hebben om thee of soep van te maken. Het resultaat: een kruimelige en lekker ruikende bodem, zoals in een bos dus. Mulchen doe je omdat ‘een blote bodem een dode bodem’ is.

Mulchen heeft veel voordelen. Een mulchlaag beschermt de bodem tegen slagregen, rechtstreekse zonnestralen en uitdrogende wind. Tijdens de zomer voorkomt een mulchlaag het verdampen van het bodemvocht. Plantenwortels en bodemorganismen varen er wel bij.

Afbraakorganismen hebben maanden tot jaren nodig om mulchmateriaal te verwerken. In die tijd komen humus en voedingselementen voor de planten vrij. Dat wordt samen met de bodemdeeltjes verwerkt tot een luchtige kruimelstructuur. Dit houdt water en voedingsstoffen vast. Tussen de kruimels stroomt het (overtollige) water gemakkelijk weg. Zo behoudt de bodem na hevige regenval toch zijn luchtigheid en na weken van droogte nog voldoende vocht.

De mulchlaag tempert de grote temperatuursverschillen tussen dag en nacht. Dat is belangrijk voor de plantenwortels en het bodemleven. En last but not least: mulchen helpt de bodem onkruidvrij te houden. Door de bodem onder de mulchlaag ongemoeid te laten, worden de onkruidzaden in de bodem niet geactiveerd. De zaden die wind en vogels aanvoeren, vallen op een laag dorre bladeren of droge snippers. Dat remt het ontkiemen af. Gebeurt dit toch, dan wortelen ze in de luchtige bodem onder de mulchlaag. Je kan het onkruid eenvoudig verwijderen.

LG eerste moestuinbak 2017-03-06 16.50.46 HDR

6 maart 2017: Jaap legt ons eerste moestuinbed aan. Inmiddels hebben we voor een wat groter oppervlak mulch nodig…

In Denemarken hebben we, in tegenstelling tot in onze Nijmeegse woonwijk, relatief weinig en al helemaal geen 15 meter hoge bomen rondom ons huis, maar wel veel veel wind. Daar ‘valt’ het blad dus niet, maar waait het meteen ver weg, als het al niet aan de takken weggeschuurd is door de zoute zeewind. Daar halen we dus af en toe wat zakken blad uit diverse bossen: eikenblad, beukenblad, populierenblad, van alles wat. Strooien dat uit over het gras, gaan er even met de maaimachine overheen zodat het versnipperd wordt – om te voorkomen dat het één dikke slijmerige laag wordt – en verspreiden deze mix vervolgens over de (moes- en fruittuin)bodem waar het langzaam maar zeker tot compost wordt.

De Nijmeegse afvalinzamelaar doet uiteindelijk met al dat ingezamelde blad uit de korven hetzelfde: er compost van maken. Er is echter 1 maar: dan moet er ook wel alléén blad in zo’n korf zitten. En daar gaat het helaas nogal eens mis. Veel wijkbewoners zien de korf als een grote groencontainer en mikken er van alles in. Daar wordt nu korte metten mee gemaakt: ‘Zit er afval in de bladkorf dat er niet in hoort? Dan komt er één keer een waarschuwingssticker op de korf. Is de bladkorf daarna weer vervuild? Dan halen we de korf op’, zo dreigt de DAR. En ja, waar moet je dan al dat blad uit je voortuin laten? …

Wat doe jij met afgevallen herfstbladeren?

 

 

 

Advertenties