‘Italianen zijn toch wel aardig, maar ook getikt’

Ter herinnering – nog altijd met een big smile – aan levensjutter avant la lettre Michael Maria Bakermans. Omdat hij op zijn geheel eigen wijze de laatste bladzijden van dit reisdagboekje 4 voor zijn rekening neemt. Aflevering 4: het einddoel wordt bereikt, de bloemenrivièra. La dolce far niente kan beginnen!

rapallo

Donderdag 16 augustus

KMS 31197

Nu gaan we naar het beloofde land. De zon schijnt nog niet. Weer zit ik op Michael te wachten. Om 8 uur vertrekken we naar Genua. Het is een lange, saaie weg. Van Genua gaan we naar Rapallo, en zijn om 2 uur aan het strand.

Het beloofde land… dat was in die periode duidelijk de Italiaanse rivièra. Later werd dit ingeruild voor de Spaanse costa’s, en de huidige levensjutters zoeken het beloofde land wat noordelijker (even een terugblik, in een terugblik)

Het is hier erg mondain en duur, maar ook prachtig. De Italianen zijn toch wel aardig, maar als je ze soms bezig ziet, dan denk je toch ook wel dat ze ’n beetje getikt zijn. Zo zie je ’s avonds laat pa en ma netjes opgedoft in de stad met de baby van hoogstens ‘n ½ jaar op de arm.

En bang zijn ze ook niet, wat het motorrijden betreft. Waar wij met 20 km per uur naar beneden gaan doen hun het met minstens 60.

Die scootertjes (en ook de Lambretta) zijn natuurlijk uitgevonden in Italië, dus niet gek dat ze daar op die dingen rijden alsof ze nooit anders hebben gedaan… want dat hebben ze waarschijnlijk dus niet. Dat gebruik van ‘hun’ in deze zin (net als eerder het ‘klaar is de kous’) verbaast me eigenlijk wel, van mijn taalgevoelige moeder. Ben ik niet van haar gewend…

We blijven hier in Rapallo ’n paar dagen in de jeugdherberg, waar het ook vrij duur is. We zijn ’s avonds de stad in geweest, het was er allemaal erg chic. En in elke kroeg zat het tjokvol met mensen die naar de televisie zaten te kijken, zelfs ’n hele straat hadden ze geblokkeerd. Om 11 uur zijn we naar bed gegaan.

Vrijdag 17 augustus

Om 9 uur liggen we heerlijk aan de zee. Michael is nog steeds niet erg weg van het keienstrand…

Nee, mijn vader had liever zacht, warm zand, dat zich vormde naar de contouren van je lijf

… en dan is hier iets wat nog erger is: als je uit het water komt zitten je voeten vol splinters, en om ze eruit te krijgen valt niet mee en is erg pijnlijk. Eerst hebben we het met het schaartje gedaan, maar later kregen we een stilo van een Italiaan.

Tot 6 uur aan het strand gebleven, gegeten en gewandeld en toen om 11 uur naar bed. ’s Avonds heb je hier ’n beeldig gezicht op de stad.

Ik vraag me af wat die ‘splinters’ geweest kunnen zijn. Zee-egels? Zijn er kenners van deze kust onder de lezers?

Advertenties

‘Hoe kan het anders: ik moet lopen’

Ter herinnering – nog altijd met een big smile – aan levensjutter avant la lettre Michael Maria Bakermans. Omdat hij op zijn geheel eigen wijze de laatste bladzijden van dit reisdagboekje 4 voor zijn rekening neemt. Aflevering 3: amper over de grens worden de eerste Italiaanse ijsjes alweer genuttigd. ‘Een páár’ nog wel!

martigny-orsieres-chemin-de-fer

Woensdag 15 augustus

Vertrek Cossonnay 8.00 uur

KMS 30998

Na ’n heerlijk ontbijt vertrekken we om 8 uur richting Lausanne. Het is prachtig weer en de omgeving fantastisch. Aan onze rechterhand ligt het Meer van Genève. We komen nu door Montreux, waar we even een paar kaarten versturen. Nu verder naar Martigny. Nu gaat de sport beginnen. De bergen, en wel de Grote St. Bernhardpas.

’t Is hier schitterend mooi, maar ook erg angstig. En hoe kan het anders: ik moet lopen, maar niet zo lang, want ik kan met ‘n stel Oostenrijkers meeliften. Op de top staat de scooterheld me op te wachten en heeft intussen 4 foto’s gemaakt.

En elke keer als ik dit soort opmerkingen lees moet ik onwillekeurig nog steeds knarsetanden dat al deze foto’s er niet meer zijn. Plus in dit geval over het feit dat mijn vader dus doodleuk tegen mijn moeder zegt: hup, van de scooter af, ik zie je zo boven wel… 😮

Hier boven kun je de St Bernardhonden zien. We komen nu weer aan de grens en zijn dan in Italië. Voordat we naar Turijn gaan, nemen we eerst een paar heerlijke ijsjes. Het is intussen 5 uur en we moeten nog 127 km rijden. We komen in het donker in Turijn aan en het valt niet mee om de jeugdherberg te vinden, ondanks de behulpzaamheid van de Italianen. Ze kunnen dan niet eerlijk zijn, maar vriendelijk en behulpzaam zijn ze zeker.

Waar m’n moeder dat vandaan heeft, dat Italianen niet eerlijk zijn, ik heb geen idee. Volgens mij is het een vooroordeel; ik ken geen enkel verhaal waaruit blijkt dat ze ooit oneerlijk door een Italiaan zijn behandeld…

Het wordt 10 uur voordat we naar bed gaan na een vermoeiende dag en ’n flink verbrand gezicht.

Ja, dat wil wel, met prachtig weer in de Alpen. Dat is dan weer een voordeel van op een scooter zitten, lekker in de buitenlucht… De ‘bodem’ is gelegd, op naar de kust nu!

Slapen met muizen en servetten bij de hompen brood

Vanaf de jaren vlak na de oorlog reisden mijn ouders per scooter, motorfiets of Fiat door Europa. In kleine notitieboekjes noteerden ze met potlood hun belevenissen. Vandaag een nieuw avontuur, aflevering 4: op de scooter dwars door Frankrijk.

Vanaf dit boekje gaat mijn vader nauwgezet van alles bijhouden: aantal gereden kilometers, benzineprijs, prijzen van verblijf, eten en – als het eraf kan – extraatjes. Dat zou hij zo volhouden tot het allerlaatste boekje toe – waarin hij met pijnlijke zelfspot beschrijft hoe hij in de praatjes van colporteurs is getuind, die hem een handtekening weten te ontfutselen voor een time-share-appartement. Maar dat is 1996. We gaan eerst nog even zo’n 50 jaar terug in de tijd.

Jaar: 1949

Datum: 14 augustus

Km stand: 21414

Vertrek Eindhoven Noord-Brabantlaan half 8. Mis. Half 9. We gaan via Roermond naar Maastricht-Luik-Bastogne-Arlon. In Frankrijk zie je veel agenten. Ze zijn erg vriendelijk. In (onleesbaar) slaapplaats gevonden, je moet niet vragen hoe. We zijn in een café gaan vragen, maar het hele dorp was vol.

De ober en zijn vrouw spraken Duits, dat was erg fijn, want Frans valt niet mee. Ze vertelden dat ze nog wel een oud huis hadden, maar dat was niet geschikt voor ons. Michael zei dat het niets gaf en dus slapen we vannacht tussen de muizen en nog viel mehr schweinerei.

Ja, die Michael… die zei wel vaker dat het ‘niets gaf’ en zo zijn, in de jaren vóór mijn bestaan mijn moeder en later mijn moeder en ik, soms in situaties beland waarvan wij dachten: ieieieieieie… Maar jaren later blijkt dan dat mijn vader toen al heel goed was in wat tegenwoordig weer helemaal ‘in’ is: herinneringen maken… al zagen wij op het moment dat ze gemaakt werden de lol er nog niet van in.

Maandag 15 augustus

Km stand: 21775

Opgestaan om 9 uur. Precies de klok rond geslapen. Nadat we ons zo goed en kwaad als het ging gewassen hadden, zijn we naar het ‘hotel’ gegaan om een stukje te eten. Het is intussen half 11 en we hebben nog steeds niets. Eindelijk komt er dan wat aan. We krijgen brood in een mandje en zes dikke plakken vlees. Ook het brood bestaat uit hompen. Daarbij een grote kan koffie en net zo’n kan melk en een schaal suikerklontjes.

De koppen zijn nog groter als bij ons voor de soep, je hebt er twee grote handen bij nodig. Ze maken voor ons meer werk dan voor de Fransen. We krijgen namelijk mes en vork en ook nog servetten; dat is hier wel heel iets bijzonders.

Eindelijk om half 12 vertrekken we dan, we gaan naar Neufchateau-Dijon-Tournus. In Tournus heerlijk geslapen na een zalig glas bourgogne.

Dinsdag 16 augustus

Km stand: 22073

Opgestaan 8 uur, ontbeten, wat erg weinig was. Geen wonder dat ze hier zo slank zijn. Het weer is fantastisch. We gaan richting Lyon-Valence-Avignon. Het is een prachtige route. We komen door een dorpje waar alle soorten zonnehoeden te krijgen zijn en hulahula slingers.

Vandaag zijn we laat met slapen. 8 uur en nog niets gevonden. Michael is al ergens minstens een ½ uur binnen en hij komt maar niet terug. Ik denk dat er een of andere Franse schone is die hem ophoudt. Het resultaat is een mooie grote kamer voor 550 Fr. Eerst had de waard niet veel te missen omdat hij dacht dat we Duitsers waren, maar toen hij ontdekte dat we Hollanders waren, was hij zo uitgelaten als wat.

4 - Eindhoven_naar_Avignon__Frankrijk_-_Google_Maps

In een paar dagen van Eindhoven naar Avignon, over de Route Nationale, ruim 1000 kilometer. Mijn vader heeft altijd de snelwegen gemeden