Uit de reisdagboekjes van mijn vader

Vanaf de jaren vlak na de oorlog reisden mijn ouders per scooter, motorfiets of Fiatje 500 door Europa, van Noorwegen tot Italië. In kleine notitieboekjes noteerden ze met potlood hun belevenissen. Al lezende groeide mijn bewondering voor het vermogen van mijn ouders om door te zetten, kalm te blijven, verwonderd te zijn, vertrouwen te houden in een goede afloop – al naar gelang de situatie. Over grenzen verkennen, grenzen verleggen, geen genoegen nemen met het alledaagse, en het mooie zien in het gewone.

Op de motor via Zwitserland naar Italië

  1. Geluncht met een halve liter wijn
  2. Motorpech en samen slapen
  3. Een boterham met drie ons vleeswaar
  4. Slapen met muizen…
  5. Een rijke’luis’ leven
  6. Getoeter en overal hangt was
  7. Ik hoop dat ik niet hoef te lopen…
  8. Halverwege de berg doet de scooter het niet meer
  9. De Julierpas: dat zal zonder mij moeten
  10. Een half uur later lagen we tegen de vlakte

Met de Fiat Topolino door Frankrijk

Met de Lambretta naar de Bloemenrivièra

  1. Ik heb ’n uur op de baas moeten wachten
  2. De monteur kijkt er naar en klaar is de kous
  3. Hoe kan het ook anders: ik moet lopen
  4. Italianen zijn aardig, maar ook getikt
  5. Met badpakken en brood naar zee
  6. Michael heeft een naakte vrouw gezien
  7. Michael trakteert de meisjes op een scooterrit
  8. Er vliegt ook nog iets onder de scooter uit
  9. Een bibberende Gonnie is de waanzin nabij