‘Halverwege de berg doet de scooter het niet meer’

ma venetie 1955

Mijn moeder, op oude schoenen – 😉 – in het helemaal niet zo romantische Venetië

Vanaf de jaren vlak na de oorlog reisden mijn ouders per scooter, motorfiets of Fiat door Europa. In kleine notitieboekjes noteerden ze met potlood hun belevenissen. Aflevering 8: mijn vader wordt uitgescholden.

Zaterdag 27 augustus

Km stand: 23615

We gaan eerst nog even een gondeltochtje maken en een wandeling door de stad. Het is hier erg leuk om te winkelen en ik heb mijn schat dus wel het een en ander afgezet. Alleen schoenen, dat lukt me niet erg en die zou ik juist zo erg graag hebben.

Om 12 uur verlaten we Venetië en gaan terug naar Padua, vandaar naar Vicenza-Verona-Brescia. Om half vijf doet de scooter het niet erg best, dus Michael aan het repareren terwijl ik mijn tenen lak.

 

Ja, wat moet je ook anders? Als je geen nieuwe schoenen hebt om je voeten mee op te leuken… 😉

Na een half uur gaan we verder, op zoek naar een jeugdherberg. Die slome wist er twee en nu hebben we 50 km heen en terug gereden en hebben nog niets, want er zijn er helemaal geen. Dus wordt het een hotel in Verona, 1200 lire.

Dat ‘slome’ is op dat moment waarschijnlijk het ergste scheldwoord dat mijn moeder durft op te schrijven. Voor die 1200 lire onnodig gespendeerd aan een hotel had zij waarschijnlijk nog wel een paar mooie Venetiaanse zomerschoentjes geweten…

Zondag 28 augustus

Km stand: 23808

Vertrokken om 8 uur uit Verona. Eerst tanken, want er zat niets meer in. Ook de scooter nog even nagekeken, die wil niet erg best. Bij de benzinepomp was ook nog een Duitser uit Keulen. Zijn vader woonde in Verona. Daar hebben we een praatje mee gemaakt. Hij heeft Michael nog enige tips gegeven.

Na nog 3 uur aan de scooter geprutst te hebben gaan we verder naar Bergamo en dan naar Lecco. Het valt hier op dat de Italiaansen veel meer kousen dragen dan bij ons. Je ziet er trouwens ook veel met lange haren op hun benen. In Lecco zijn we in een jeugdherberg, maar ik moet in het dagverblijf op de grond liggen. Het is hier wel erg mooi gelegen en erg proper.

Als je muizen en andere viezigheid hebt meegemaakt, maal je natuurlijk niet om een harde, maar propere vloer. Maar: mijn ouders zijn dus ook aan het Comomeer geweest, in Lecco. Achterin het boekje staat dat hier 2 foto’s zijn genomen. Ik heb ze helaas niet meer. Jaren geleden heeft mijn moeder in een vlaag van verstandsverbijstering (vind ik) alle oude, gekartelde zwart wit prentjes uit deze periode in de vuilnisbak gegooid. Zo zonde! ‘Ach kind, wat moet jij daar later mee’, was haar reactie. Mag ik in retrospectief nog even heel stilletjes denken: slome!

Maandag 29 augustus

Km stand: 23970

Eindelijk zijn we dan in een garage. Hoe zouden we ook ’n vacantie gehad hebben zonder garage? Ik geloof dat ze hier niet duur zijn met de reparatie, want juist waren er een paar Zwitsers die een nieuwe band moesten hebben en ze moesten alleen de band maar betalen en geen arbeidsloon.

Anderhalf uur in de garage geweest en de kosten zijn 16 gulden. Het is zonde, maar nu gaat hij dan ook weer prima.

Van Lecco gaan we naar de Malojapas. Dat betekent: bergen, en ondanks de goede zorgen in de garage moet ik toch grotendeels lopen. Halverwege de berg doet de scooter het niet meer en loop ik naar de top.

De Malojapas. Nooit van gehoord. Als ik het nu google lees ik het volgende: ‘De Malojapas heeft een bijzondere eigenschap: hij heeft maar één steile ‘kant’, aan de westzijde. Vanuit het Italiaanse Chiavenna klimt hij in 32 km 1482 meter. Het is een van de meest spectaculaire wegen om te rijden’. Aan de andere kant blijf je vrij lang op een plateau.

Nadat ik eerder in dit stukje mijn moeder stilletjes heb uitgescholden, maak ik nu een diepe kniebuiging voor haar. Wandelen (en in marstempo ook nog) kon ze tot op hoge leeftijd als de beste, maar klimmen was altijd een hele opgave. Maar voor mijn vader moet dit ook een hele toer zijn geweest: hij moest de (bepakte) scooter aan de hand mee omhoog zeulen…

8 - Venetië__Italië_naar_Malojapas__Bregaglia__Zwitserland_-_Google_Maps

De route van Venetië langs het Comomeer naar de Malojapas

 

 

‘Ik hoop dat ik niet hoef te lopen’…

Vanaf de jaren vlak na de oorlog reisden mijn ouders per scooter, motorfiets of Fiat door Europa. In kleine notitieboekjes noteerden ze met potlood hun belevenissen. Aflevering 7: van Pisa door de bergen naar het romantische Venetië.

Donderdag 25 augustus

Km stand: 23215

Het is weer warm. Nu gaat het verder naar Firenze. Je ziet hier overal meisjes en vrouwen buiten zitten en die zijn mandjes aan het vlechten. In Florence (dat is Firenze) zijn we even afgestapt om de stad te gaan bezichtigen. Er waren prachtige gebouwen en een kapel, maar daar moest je een hoge entree voor betalen. Daar hebben we maar ijsjes voor gekocht.

Mijn ouders kenden hun prioriteiten 😉

Nu gaan we verder naar Bologna , dat betekent dat we de bergen in moeten, maar we gaan vol goede moed. Het is alleen erg warm, dus hoop ik dat ik niet hoef te lopen.

Helaas. De scooter doet het niet zo best en dus ik er al tippelend achteraan.

Er zijn van die momenten als ik de reisdagboekjes lees, dat ik één wenkbrauw optrek. Hier gaan ze allebei omhoog.

Juist als we gaan dalen is de benzine op en moeten we beiden lopen. Nu gaat Michael even alleen naar een benzinepomp om een olieblikje vol te halen. Ongeveer 7 uur kwamen we in Bologna aan en hebben wij snel de jeugdherberg gevonden.

Na ons een beetje opgefrist te hebben zijn we de stad in gegaan om te eten en te bezichtigen. De huizen zijn hier heel typisch. Je ziet hele grote zuilen en uit de verte lijkt het heel wat, maar in werkelijkheid is het maar smerig en griezelig. Binnen staat niets anders dan een tafel, stoelen en een bed.

Nee, mijn moeder was niet bepaald een minimalist. Zij hield van veel frutsels om het gezellig te maken. Maar om een interieur met tafel, stoelen en een bed nou griezelig te noemen…

Na om een uur of 10 onze zoveelste gelati genuttigd te hebben, zijn we naar bed gegaan.

Vrijdag 26 augustus

Km stand: 23418

We zijn om 4 uur in Venetië. Het is er erg druk. Tot nu toe valt het erg tegen, ik had het veel romantischer voorgesteld. Michael is kijken of er in de jeugdherberg nog plaats is. We kunnen ook wel ergens anders terecht, want van alle kanten komen jongens op je af, maar het is nogal veel: van 1400 tot 2000 lire.

Na 1 ½ uur komt Michael terug…

Anderhalf uur??!! Zit mijn moeder dus ergens in Venetië moederziel alleen (passend op de scooter, denk ik zo) terwijl ze belaagd wordt door allerlei jongens die haar onderdak aanbieden…

… maar hij heeft niets gevonden, het was alleen voor mannen. Nu gaan we maar gauw de stad in en ook daar komen ze op je af voor kamers. We hebben er een genomen voor 1200 lire.

Toch nog een beetje romantiek, denk ik dan maar, in Venetië. Samen op een kamer, in plaats van gescheiden in de jeugdherberg.

7 - Pisa__Italië_naar_Venetië__Italië_-_Google_Maps

De route van Pisa naar Venetië

(Foto Bologna: site Angelo Trusiano, Bologna 1942)

Gelati Italiani

Getoeter, overal was, maar de macaroni is ‘niet slecht’

Vanaf de jaren vlak na de oorlog reisden mijn ouders per scooter, motorfiets of Fiat door Europa. In kleine notitieboekjes noteerden ze met potlood hun belevenissen. Aflevering 6: wennen aan het Italiaanse eten.

Maandag 22 augustus

Km stand: 22830

Eindelijk is het dan zover dat we gaan vertrekken. We zijn nu van de 8 dagen 4 hier in Menton in dezelfde jeugdherberg geweest, dat is niet gek.

En dat ondanks de wandluizen. Hoe heeft mijn vader dat volgehouden?

Half 12 passeren we de Italiaanse grens en gaan nu via San Remo naar Genua. De zon schijnt natuurlijk weer volop. Dat is hier iedere dag hetzelfde.

Ik heb schijnbaar te hard geroepen, want we hebben vanmiddag een flinke bui gehad. We slapen in Varazze in een jeugdherberg.

Dinsdag 23 augustus

Gegeten om 8 uur in de herberg voor 240 lire. ’s Avonds hadden we ook warm gegeten samen voor 600 lire, het was niet slecht. ’n Soort macaroni, soepvlees met tomaten en een perzik toe.

Geen idee wat de lire toen waard was. Het was jarenlang de minst waardevolle munt van West-Europa, vanwege de hoge inflatie. Er waren munten van 5 lire, maar ook van 1000. En bankbiljetten van 1000, maar ook van 500.000! In 2002 verving de euro de lire. De lire ging toen tegen een koers van 1936,27 lire versus 1 euro op in de nieuwe munt. Met deze koers gerekend zou het ontbijt 12 eurocent hebben gekost, en het warme eten 30 cent… Maar dat zal wel niet kloppen… Zó erg zal de inflatie in 1948 niet geweest zijn…

We zijn weer de hele dag aan zee geweest, maar het was soms niet om te harden zo warm. Om 5 uur zijn we de stad in gegaan, weer om te eten. We kregen macaroni met tomaten en kaas, en 2 hompen kaas toe. 100 lire. Daarna hebben we nog ijs en perziken gehad.

Dat toetje: dat deed het ‘m wel hoor. Van pasta zijn ze nooit een fan geworden, van Italiaans ijs echter des te meer…

Ongeveer 8 uur waren we weer in de herberg terug en zijn toen nog naar beneden gegaan, naar het water. Dan moet je minstens 200 trappen lopen. Het was daar erg romantisch. Na nog ’n praatje met een paar Hollanders om 10 uur naar bed gegaan.

Woensdag 24 augustus

Km stand: 22977

Opgestaan om 7 uur, gepakt en ontbeten en nu maar wachten op de kaarten. De auto’s maken hier ’n vreselijk lawaai met hun claxon – gewoon idioot. Om 9 uur kunnen we pas vertrekken. De reis is nu naar Genua, waar we even stoppen. Het is een prachtige stad. Oude gebouwen en leuke, kleine en smalle straatjes. Ook zie je allemaal hele kleine winkeltjes en kroegjes. Michael is even een paar foto’s maken terwijl ik op de scooter pas, dat is hier wel nodig.

Hm… nooit iets gehoord over pogingen tot diefstal, en mogelijk waren de blikken van de Italianen eerder bedoeld voor mijn moeder dan voor de scooter. Ongezellige bedoeling zo hoor: al apart slapen, en dan ook nog apart de toeristische attracties bekijken…

Van Genua naar Rapallo-La Spezia. We leven in Italië zo luxueus, we maken geen brood of middageten meer klaar, maar gaan gewoon naar een restaurant. Het is hier ’s woensdags wasdag. Je ziet overal was en het gekke is: niet aan de lijn, maar overal: op hekken en hegjes. Ook lopen ze hier met emmers en teilen en manden op hun hoofd, dat is een aardig gezicht. De mensen zijn hier erg vriendelijk.

We zijn nu in Pisa en Michael is even de toren en kerk bekijken terwijl ik op de scooter pas. Hier blijven we slapen in een jeugdherberg. Er zijn hier ook Hollanders. We hebben een praatje gemaakt met Italianen en ’n Oostenrijker.

Of mijn moeder dus ooit de Toren van Pisa heeft gezien? Ik vermoed van niet…

6 - Menton__Frankrijk_naar_Pisa__Italië_-_Google_Maps

De route langs de bloemenrivièra van de jeugdherberg-met-wandluizen naar de scheve toren.

Een rijke’luis’leven

Vanaf de jaren vlak na de oorlog reisden mijn ouders per scooter, motorfiets of Fiat door Europa. In kleine notitieboekjes noteerden ze met potlood hun belevenissen. Deel 5: een beetje luieren aan de Middellandse Zee bij Nice.

Woensdag 17 augustus

Km stand: 22453

Vertrokken om half 9 met prachtig weer richting Nice. Hier staan de druiven zomaar langs de weg en overal tentjes met meloenen. We hebben aan zee heerlijk op de pier liggen zonnen. Het was zalig. Het klotsen van de zee en een beetje wind, best om vol te houden. Daarna gaan we op zoek naar slaapplaatsen. Dat is hier hopeloos.

Een Fransman wist misschien nog wat en zou met zijn wagen voorrijden, dan konden wij hem volgen. Uiteindelijk konden we op de grond slapen, maar die baas wou per se dat we dan ook dineerden en daar voelden we niks voor, dus: doorrijden. Om tien uur hebben we iets gevonden. Wel duur, maar ja, we doen het toch.

Soms voel je aan je water of iets te vertrouwen is of niet. Mijn moeder had daar toen blijkbaar al een antenne voor, en mijn vader moet eenzelfde gevoel hebben gehad, anders had hij nooit voor het late, dure alternatief gekozen.

Donderdag 18 augustus

Km stand: 22677

We vertrokken om 8 uur met een temperatuur van minstens 30 graden. We willen nu proberen in Nice in een jeugdherberg te komen. Het is vandaag een hopeloze dag, niets anders dan benzine verknoeien en niets bereiken. Eindelijk hebben we dan een jeugdherberg boven op een heuvel. Ik heb moeten lopen. De scooter deed het niet.

Oh jee. Het zal ook eens niet…

We blijven hier tot zondag. Er zijn hier alle nationaliteiten, tot Marokkanen en Algerijnen. We hebben een wandeling gemaakt met die Marokkaan en toen we terug kwamen zijn we met een heel stel naar een bergtop gegaan en hebben daar tot middernacht gezongen. Het was heerlijk om dat samen te beleven.

Vrijdag 19 augustus

Opgestaan om 7 uur. Toen was Michael al present, die was namelijk opgegeten door de wandluizen.

Mijn vader had lekker bloed. Later wisten alle muggen hem ook altijd te vinden, terwijl ze mij en mijn moeder niet lustten… Maar: in de herberg sliepen ze natuurlijk ook apart.

Ook het weer is nog steeds prachtig. We gaan vandaag de hele dag aan de Middellandse Zee liggen.

Zaterdag 20 augustus

Weer opgestaan om 8 uur en heerlijk aan het water gelegen. Faroek en Malut zijn vertrokken. Er zijn hier iedere dag anderen. Nu hebben we een dame die rookt pijp.

‘Maman fume une pipe’ kenden de eerste lesboekjes Frans in die tijd nog niet 🙂

Zondag 21 augustus

Km stand: 22808

We gaan weer heerlijk aan het strand liggen. We leven net als rijkelui: eten biefstuk, druiven, jus de ananas, ijs etc.

Als het eten kwam in de vorm van vlees, aardappelen en groente was het al goed, maar met biefstuk, gebakken aardappeltjes, doperwtjes en ijs toe voelde het pas echt ‘rijk’, vooral voor mijn vader. Als ‘plattelandsjongen’ hield hij van gewone Hollandse pot. Mijn stadse moeder was op culinair gebied wat avontuurlijker dan mijn vader…

5 - Avignon__Frankrijk_naar_Menton__Frankrijk_-_Google_Maps

Van Avignon naar Menton, even voorbij Nice. Het aantal kilometers en de bijbehorende tijd is wat Google Maps nu rekent op alleen maar secundaire wegen.

Slapen met muizen en servetten bij de hompen brood

Vanaf de jaren vlak na de oorlog reisden mijn ouders per scooter, motorfiets of Fiat door Europa. In kleine notitieboekjes noteerden ze met potlood hun belevenissen. Vandaag een nieuw avontuur, aflevering 4: op de scooter dwars door Frankrijk.

Vanaf dit boekje gaat mijn vader nauwgezet van alles bijhouden: aantal gereden kilometers, benzineprijs, prijzen van verblijf, eten en – als het eraf kan – extraatjes. Dat zou hij zo volhouden tot het allerlaatste boekje toe – waarin hij met pijnlijke zelfspot beschrijft hoe hij in de praatjes van colporteurs is getuind, die hem een handtekening weten te ontfutselen voor een time-share-appartement. Maar dat is 1996. We gaan eerst nog even zo’n 50 jaar terug in de tijd.

Jaar: 1949

Datum: 14 augustus

Km stand: 21414

Vertrek Eindhoven Noord-Brabantlaan half 8. Mis. Half 9. We gaan via Roermond naar Maastricht-Luik-Bastogne-Arlon. In Frankrijk zie je veel agenten. Ze zijn erg vriendelijk. In (onleesbaar) slaapplaats gevonden, je moet niet vragen hoe. We zijn in een café gaan vragen, maar het hele dorp was vol.

De ober en zijn vrouw spraken Duits, dat was erg fijn, want Frans valt niet mee. Ze vertelden dat ze nog wel een oud huis hadden, maar dat was niet geschikt voor ons. Michael zei dat het niets gaf en dus slapen we vannacht tussen de muizen en nog viel mehr schweinerei.

Ja, die Michael… die zei wel vaker dat het ‘niets gaf’ en zo zijn, in de jaren vóór mijn bestaan mijn moeder en later mijn moeder en ik, soms in situaties beland waarvan wij dachten: ieieieieieie… Maar jaren later blijkt dan dat mijn vader toen al heel goed was in wat tegenwoordig weer helemaal ‘in’ is: herinneringen maken… al zagen wij op het moment dat ze gemaakt werden de lol er nog niet van in.

Maandag 15 augustus

Km stand: 21775

Opgestaan om 9 uur. Precies de klok rond geslapen. Nadat we ons zo goed en kwaad als het ging gewassen hadden, zijn we naar het ‘hotel’ gegaan om een stukje te eten. Het is intussen half 11 en we hebben nog steeds niets. Eindelijk komt er dan wat aan. We krijgen brood in een mandje en zes dikke plakken vlees. Ook het brood bestaat uit hompen. Daarbij een grote kan koffie en net zo’n kan melk en een schaal suikerklontjes.

De koppen zijn nog groter als bij ons voor de soep, je hebt er twee grote handen bij nodig. Ze maken voor ons meer werk dan voor de Fransen. We krijgen namelijk mes en vork en ook nog servetten; dat is hier wel heel iets bijzonders.

Eindelijk om half 12 vertrekken we dan, we gaan naar Neufchateau-Dijon-Tournus. In Tournus heerlijk geslapen na een zalig glas bourgogne.

Dinsdag 16 augustus

Km stand: 22073

Opgestaan 8 uur, ontbeten, wat erg weinig was. Geen wonder dat ze hier zo slank zijn. Het weer is fantastisch. We gaan richting Lyon-Valence-Avignon. Het is een prachtige route. We komen door een dorpje waar alle soorten zonnehoeden te krijgen zijn en hulahula slingers.

Vandaag zijn we laat met slapen. 8 uur en nog niets gevonden. Michael is al ergens minstens een ½ uur binnen en hij komt maar niet terug. Ik denk dat er een of andere Franse schone is die hem ophoudt. Het resultaat is een mooie grote kamer voor 550 Fr. Eerst had de waard niet veel te missen omdat hij dacht dat we Duitsers waren, maar toen hij ontdekte dat we Hollanders waren, was hij zo uitgelaten als wat.

4 - Eindhoven_naar_Avignon__Frankrijk_-_Google_Maps

In een paar dagen van Eindhoven naar Avignon, over de Route Nationale, ruim 1000 kilometer. Mijn vader heeft altijd de snelwegen gemeden

 

Een boterham met 3 ons vleeswaar

Vanaf de jaren vlak na de oorlog reisden mijn ouders per scooter, motorfiets of Fiatje 500 door Europa. In kleine notitieboekjes noteerden ze met potlood hun belevenissen. Aflevering 3.

Zondag

We vertrekken om 8 uur uit Biasca met nog steeds mooi weer, en moeten helaas voor de 2e keer de Sint Gotthard bestijgen. Michael is bang dat de motor het begeeft en daarom zijn we maar weer op de terugweg. Dus om de 5 km een half uur rusten.

Terwijl we zitten komen er twee Zwitsers aan en maken een praatje. Wij vroegen hun of er hier in de buurt een broodwinkel was, waarop zij dachten dat wij honger hadden. Ze gaven ons een boterham en we hebben ons ziek gelachen toen we zagen wat erop zat: 1 ons saucijs, 1 ons spek en nog 1 ons andere worst.

Ze hebben ons tevens verteld dat we goed en goedkoop konden eten aan een buffet op het station, wat we ook hebben gedaan. Voor 375 (Franc) een slaapplaats gevonden in Altdorf. Vandaag regent het voor het eerst, maar dan ook goed. We rijden hier dwars door de wolken.

Maandag

Gestart vanuit Altdorf om 9 uur. We rijden nu langs het Vierwoudstedenmeer, wat ongelooflijk mooi is. Daar hebben we natuurlijk een foto gemaakt. In Luzern hebben we op het station gegeten, wat we tegenwoordig iedere dag doen. Hier groeien overal frambozen langs de weg en ze zijn heerlijk. Nog steeds mooi weer.

‘Wildplukken’ heet dat tegenwoordig, waarmee het een wat spannende klank heeft gekregen… maar dat komt misschien door de associatie die ik leg met ‘wildplassen’. Dáár kun je voor bekeurd worden J Als je goed om je heen kijkt, zoals mijn moeder zelfs van achterop de motor deed, zie je dat de natuur je zoveel lekkers te bieden heeft!

Ik zou tegenwoordig trouwens niets meer plukken of eten wat ergens langs een weg staat. In de jaren 40 van de vorige eeuw kon dat nog wel. Ik ben eigenlijk pas een enthousiaste wildplukker geworden sinds ik met mijn neus op de overdaad aan duindoornbessen en rozenbottels werd gedrukt aan ‘onze’ Deense kust. Sindsdien pluk ik ook van alles in de wijk rond ons Nederlandse huis: bramen, vlierbessen, daslook, paardenbloemen, kerspruimen, hazelnoten… allemaal zomaar in het ‘wild’!

Dinsdag

Met een stralende zon vertrekken we naar Lausanne. We rijden langs de Bielersee, alles is hier even mooi. Nu gaan we naar het Meer van Genève waar we een paar uur verblijven. We hebben onze haren gewassen en liggen nu heerlijk in de zon. Foto gemaakt. Slaapplaats gevonden in Genève waar het vreselijk smerig was.

… en dan heb je net schone haren… zouden ze die met shampoo en al hebben gewassen? In het Meer van Genève? Of waren mijn ouders al ‘no-poo-avant-garde’?

Woensdag

We zijn in Genève en de motor doet het weer niet. Dus gaan we maar weer naar een garage. Om half 9 waren we er en om 11 uur was hij weer klaar voor de zoveelste keer. Het is ondragelijk warm. De mensen zijn

… en hier stoppen de aantekeningen abrupt. Vóór in het notitieboekje bevinden zich twee toeristen-toegangskaartjes voor het casino in Monte Carlo. Maar daar zijn ze helemaal niet geweest deze reis. Achterin het boekje het adres van een jeugdherberg aan het Comomeer. Of ze daar ooit geweest zijn? Ik weet het (nog) niet.

Wel grappig dat wij daar nu net zijn geweest. Mooie motorweggetjes hebben ze daar, vanaf het meer omhoog zigzaggend de bergen op… Wie weet: lees ik er iets over in een volgend notitieboekje.

Monte Carlo

Twee kaartjes voor de ‘gewone salons’ van het Casino de Monte Carlo

Motorpech en samen slapen

Vanaf de jaren vlak na de oorlog reisden mijn ouders per scooter, motorfiets of Fiatje 500 door Europa. In kleine notitieboekjes noteerden ze met potlood hun belevenissen. De verhalen uit deze boekjes gaan over grenzen verkennen, grenzen verleggen, geen genoegen nemen met het alledaagse, en het mooie zien in het gewone. Aflevering 2.

We hebben weer heerlijk geslapen en het weer is ook nog steeds schitterend. Drie dagen hebben we nu al zo goed als niets afgelegd en zijn daarom vanmorgen voor zessen opgestaan. Maar we zijn zo lui dat het nog 9 uur geworden is voor we weg zijn. Foto gemaakt van een wegwijzer.

Mijn ouders noteerden zorgvuldig elke foto die werd gemaakt. Handig voor het kunnen thuisbrengen van de prentjes als die waren afgedrukt. Kun je je nu, in het digitale tijdperk, toch moeilijk meer voorstellen. Aan het maken van foto’s zit tegenwoordig geen grens meer…

Vrijdag

We zijn dus om 9 uur gestart en bestijgen nu de Sustenpas, waar we om de 500 m moeten wachten om de motor af te laten koelen. Ondertussen hebben we een foto gemaakt. Terwijl we op de motor zitten te puffen van de hitte zien we tevens hele vlaktes met sneeuw.

Alle Hollanders die we hier tegenkomen zwaaien en maken een praatje. Ook nu komen er een paar Amsterdammers naar ons toe en vragen of we met hen op de foto in de sneeuw willen voor de aardigheid. Als hij goed gelukt is sturen ze hem op.

Ik ben vandaag vreselijk geschrokken. We reden namelijk door een donkere tunnel en daar zag ik ineens een beest staan. Ik dacht minstens dat het een leeuw was, maar het was een hert of ree.

Tot zover mijn moeder. Vermoed ik… Als mijn vader dit heeft geschreven, dan is mijn beeld van de stoere held toch wel aan bijstelling toe 😮

Zaterdag

Gestart vanuit Hospental half 8. We bestijgen de St Gotthard en moeten ook nu weer om de 500 m de motor af laten koelen, wat hier echter nogal makkelijk is vanwege de sneeuw: we leggen wat sneeuw op de motor en dan gaat-ie zo weer verder.

Wat we nu moeten rijden, daar is de Tour de France nog niets bij. Het lijkt net een circus: je gaat maar steeds in het rond en je kunt zeker 1000 m de diepte in kijken. Af en toe word je opgeschrikt door een vreselijk lawaai. Je denkt minstens dat er gebombardeerd wordt, maar dat zijn schietoefeningen en dat klinkt in de bergen natuurlijk fantastisch zeer hard.

Ja echt: eerst stond er fantastisch! Dit doet mij vermoeden dat mijn vader dit stukje heeft geschreven. Vanwege de verwijzing naar de Tour, vanwege dat luchtige ‘we gooien wat sneeuw op de motor…’ Mijn moeder hield niet van harde knallen door de meegemaakte bombardementen in de oorlog. Zij heeft mijn vader hier vast gecorrigeerd: Michael, hoe kun je dat nou zeggen, dat was helemaal niet fantastisch…

De motor is nog steeds niet in orde, het weer echter buitengewoon en de omgeving fantastisch. Zo zijn we dan voor de zoveelste maal in een garage terecht gekomen, maar het waren heel erg aardige mensen. We hadden een halve dag in de garage gezeten, een ½ liter olie en een slaapplaats, alles tezamen voor 1 Franc. De vloer was wel erg hard, maar als je gelukkig bent voel je dat niet. Het was zalig om zo dicht bij mijn lieve schat te zijn.

Hoe romantisch! Mijn ouders overnachtten altijd op zalen in jeugdherbergen. Dat was ’t goedkoopst, en een bewuste keus, maar daar sliepen de jongens en de meisjes apart. Zo hebben ze dus heel wat reizen elke nacht apart doorgebracht. Daar moet ik toch echt niet aan denken…

pap en mam Gronsveld ZH 28 aug 1948

Ook gezellig: samen in (of: op) een hooiberg.

 

Voorbij de horizon

Het overlijden van familie dichtbij en ver weg en ons verblijf in Italië deden me de afgelopen week in de doos duiken waar ik de reisdagboeken van mijn ouders bewaar. Op zoek naar geschreven herinneringen groeide het besef hoezeer mijn dromen over en onze toekomst in Denemarken hun bron hebben in het grenzeloze verlangen van vooral mijn vader om altijd ongebaande paden te zoeken, en voorbij de horizon te willen kijken.

Vanaf de jaren vlak na de oorlog reisden mijn ouders per scooter, motorfiets of Fiatje 500 door Europa, van Noorwegen tot Italië. Al lezende groeide mijn bewondering voor het vermogen van mijn ouders om door te zetten, kalm te blijven, verwonderd te zijn, vertrouwen te houden in een goede afloop – al naar gelang de situatie. Het amuseert en inspireert me.

pap en mam Papenvoort 100

Mijn ouders bij de motorfiets waarmee ze door Europa toerden. Mogelijk zelfs gekleed zoals ze er hier op staan: met colbert, en witte sokjes… maar dat weet ik niet zeker 🙂

Daarmee werd een nieuwe categorie voor Levensjutters geboren: ‘Voorbij de horizon’. Een soort zomerserie in deze ‘komkommertijd’ waarin er qua Deense activiteiten niet zo heel veel spannends gebeurt.

Over grenzen verkennen, grenzen verleggen, geen genoegen nemen met het alledaagse, en het mooie zien in het gewone. Zowel mijn vader als mijn moeder schreven in de kleine notitieboekjes. Met potlood. Zoals ik decennia later zou leren als journalist: dat blijft leesbaar in de regen 🙂

Jaar: onbekend, ergens tussen 1945 en 1950

Datum: onbekend

Dinsdag

Via Mulhouse naar Bazel. Foto gemaakt. Geluncht met een halve liter wijn, waar Michael niet goed tegen kon. Tien over half zes stonden we met een verbrand gezicht in Bern te beraadslagen waar we verder heen zouden gaan.

‘Life is what happens to you when you’re busy making other plans’. Dat gevoel heb ik wel eens. Dat je van alles plant, en dat er steeds iets tussendoor komt waardoor je je plan weer moet bijstellen. Denemarken. Werk. Dat overkwam mijn ouders dus niet. Hun plan was: geen plan.

Foto gemaakt van de Thunersee. Wat we nu zien is zo sprookjesachtig dat je haast niet kunt geloven dat zoiets bestaat. Ondertussen is het 9 uur geworden en moeten we weer een slaapplaats zoeken. Wat ons weer gelukt is. Alles was verrukkelijk.

Woensdag

De tocht wordt steeds mooier. Je ziet nu dat de toppen der rotsplateaus de wolken raken, we kunnen nu sneeuw boven op de bergen zien liggen.

Uitgerekend in Zwitserland motorpech. Voor minstens 50 gulden en 1 of 2 dagen wachten tot hij klaar is. Woensdagmiddag half zes: we lopen moeizaam bepakt en bezakt bij een temperatuur van minstens 40 graden door Zwitserland en zoeken onderdak – wat weer gelukt is.

40 graden in Zwitserland? Mijn moeder overdreef graag.

’s Avonds hebben we een heerlijke wandeling gemaakt in Interlaken langs de Thunersee. Alles is hier even heerlijk, je voelt je gewoon in sprookjesland. Het weer is nog steeds prachtig. De motor hebben we om 12 uur opgehaald en nu, na 2 uur rijden, is hij weer niet goed. Steeds hetzelfde euvel.

Donderdag

We zitten op een bankje in de zon en hopen dat vanmiddag de motor weer in orde is. Alles is geweldig, alleen de motor wil niet erg. We zijn om 3 uur een garage in gegaan en het was 9 uur voordat we er weer uit waren. We waren van plan 1 of 2 dagen in Zwitserland te blijven, maar dit is nu al de derde dag.

Nu we in Innertkirchen zijn aangekomen hebben we echt zin in warm eten, maar aangezien ‘dem Puff’ al 60 gulden reparatie heeft gekost zijn we een beetje bang geworden omdat alles in Zwitserland nogal prijzig is. Maar we zijn toch maar begonnen met vragen wat het kost: 2 gulden per portie. 1 portie leek ons erg weinig, dus we bestelden er twee.

Nou, toen het op tafel kwam, bleek een halve portie meer dan genoeg geweest te zijn. Er waren 2 worsten bij van een pond minstens per stuk en een hele grote schaal met gebakken aardappelen en kaas en een schaaltje sla. Zes man hadden er ook meer dan genoeg aan gehad.

 

 

Dora: Zonder woorden

Dora was de zus die mijn moeder het meest na aan het hart lag. Van jongs af aan deelden zij alles met elkaar; niet zo verwonderlijk als je niet alleen de slaapkamer met elkaar deelt maar zelfs het bed. Noodzakelijk in een groot gezin (vier broers en vier zussen) waar de woonruimte schaars was. Die band met Dora bleef, ook toen mijn moeder het huis uit ging, toen beide zussen partners vonden, trouwden en toen ik op de wereld kwam.

Dora was een vanzelfsprekendheid in mijn jonge leven. Was ze er niet in levende lijve, dan wel in de verhalen van mijn moeder. Zo werd ze ook een beetje mijn moeder. Zo’n twee jaar geleden veranderde in een fractie van een seconde het leven van Dora, haar man en iedereen die haar lief had. Ze kreeg een herseninfarct, raakte halfzijdig verlamd, kon niet meer lopen, kon niet meer praten – kon zichzelf niet meer redden. Hoewel de therapie in eerste instantie leek aan te slaan is het nooit meer goed gekomen.

In die periode volgde ik de cursus therapeutisch harpspel, en schreef ik in het folkharpmagazine onderstaande column. Deze plaatste ik eerder ook op mijn andere weblog.

Zonder woorden

Ze zit stil in de stoel en kijkt uit het raam. De felle winterzon die af en toe achter een donkere wolk vandaan piept, kleurt haar pas gewassen, fijne grijze haar bijna engelachtig wit. Haar ogen lichten op en de scheve glimlach op haar gezicht wordt breder als ze mij ziet. Ze lijkt als twee druppels water op mijn moeder. Tot zover klopt het plaatje. Maar: ze staat niet op uit de rolstoel. Ze zegt me niet gedag. En we zijn niet bij haar thuis.

bij Dora

Bij Dora in het verpleeghuis

Ik ben op bezoek in het verpleeghuis waar ze verblijft sinds ze een herseninfarct kreeg. De rechterkant van haar lichaam is verlamd en haar spraakvermogen aangetast. Gezellig kletsen, zoals ik dat met haar gewend was, gaat niet meer. Ik raak haar kwijt. Als oud-journalist en wannabe-schrijfster hecht ik aan woorden als communicatiemiddel. Dat is nu eenrichtingsverkeer van mij naar haar geworden. Gesloten vragen stellen, die ze simpel met een ‘ja’ of ‘nee’ kan beantwoorden zodat ik op die manier nog via een kier haar gemoedstoestand kan proberen te peilen.

Het voelt daarom ineens vreemd hoe theorie en praktijk van lang geleden en recent hier en nu bij elkaar lijken te komen. De interviewtechnieken zoals ik ze 35 jaar geleden aangereikt kreeg door collega’s van mijn eerste baan bij de krant, en de manier van vragen stellen en luisteren zoals ik dat nu tijdens de lessen therapeutisch harpspel beoefen en ervaar. Het heeft me verrast hoeveel aandacht er aan dit onderdeel in de cursus besteed wordt, naast de vele technische oefeningen en handreikingen voor improvisatie op de harp.

Niets is zo moeilijk als helder communiceren. Maar wat als woorden niet bruikbaar zijn? Als met elkaar praten geen optie is? ‘Leren afstemmen’ is wat mij betreft de kern van de cursus therapeutisch harpspel. En dan heb ik het nog niet eens over het vinden van iemands grondtoon waar je met je muziek bij aan kunt sluiten. Of het aanpassen van muziek in modes of kerktoonladders op degene voor wie je – helend – wil spelen.

Afstemmen via woorden is, in de meeste gevallen en in ieder geval voor mij, het makkelijkst en meest voor de hand liggend. Open vragen stellen om erachter te komen hoe de ander zich voelt. Vandaag in het verpleeghuis lukt het me niet en een lichte paniek maakt zich van mij meester.

Ik praat over koetjes en kalfjes en doe mijn uiterste best uit het gebrabbel van mijn tante – de zus die mijn moeder het meest nabij stond – woorden te vissen die ik versta. Ik wil zo graag begrijpen wat ze zegt; wat ze wíl zeggen… maar ik snap er geen snars van. Uiteindelijk probeer ik mijn verbeten strijd om haar woorden aan te kunnen voelen, los te laten en reageer op haar volzinnen met een: ‘Sorry, ik kan je niet volgen’. Ze glimlacht en haalt haar schouders op.

Door die kleine beweging en subtiele mimiek gaan mijn gedachten terug naar de les van afgelopen zaterdag: we oefenden tijdens de cursus voor het eerst het afstemmen op en met elkaar en improviseren voor elkaar. Woorden waren bij die oefening eigenlijk al niet nodig om te weten of te zien hoe de ander zich voelde. Bovendien: slechts 7 procent van de effectiviteit van communicatie wordt bepaald door woorden. De toon waarop iets gezegd wordt draagt voor 38 procent bij aan de boodschap en maar liefst 55 procent komt over via lichaamstaal.

Ik laat de woorden los. Probeer me open te stellen en af te stemmen op de lichaamstaal van mijn tante en de klank van wat ze zegt. Het vergt oefening. Het lukt niet meteen. Maar aan het eind van de middag heeft mijn frustratie over het niet kunnen volgen van mijn tante en de angst om haar kwijt te raken plaatsgemaakt voor een goed gevoel. In haar bewegingen met links, gezichtsuitdrukking en toon is mijn tante nog gewoon dezelfde. Ik heb even moeten ‘fine-tunen’, maar ik heb haar golflengte weer gevonden.

De volgende keer neem ik de harp mee.

12184153_1237522706265282_3119172763422438668_o

… en die nam ik mee, de volgende keer. Bij Dora aan bed

 

Onverwachte gedaantes van duende

‘Ik probeer een dialoog tot stand te brengen tussen het kunstwerk en de ruimte. De plek waar het hangt. De structuur van het papier, de structuur van de muur… Ik wist meteen dat ik jouw foto’s op de meeste fragiele plek van deze voormalige kerk wilde hebben. Vergeleken met de andere werken hebben jouw foto’s ook een zekere fragiliteit. Maar juist op deze plek wordt het dan een heel krachtig geheel’.

Marcello, de curator van de expositie El Duende aan het Comomeer, heeft er goed over nagedacht en laat zich niet zomaar van zijn stuk brengen. We zijn weer even vanaf ons logeeradres op de berg naar beneden gezigzagd en praten met hem na over de opening de dag ervoor. Toen schoot een van de andere deelnemers aan deze expositie Jaap aan. Ze vond zijn foto’s op de plek waar ze hingen niet goed tot hun recht komen. Vond Jaap dat zelf ook niet? Nee dus.

Bellano Ex Chiesa di San Nicolao El Duende

Nee dus.

De dag ervoor had ze ook al geprobeerd Marcello op andere gedachten te brengen. Ze was de laatste die haar schilderijen inbracht, en eiste – terwijl de meeste andere werken dus al aan de muur hingen – inbreng in de plek waar haar werk moest komen. Ze was het duidelijk niet eens met het idee van Marcello. De ‘duende’ was meteen voelbaar aanwezig in het daarvoor zo vredige voormalige kerkje. Marcello bonjourde haar met een kort maar krachtig ‘no’ de kerk uit toen ze aanbood te helpen met ophangen.

De op het oog zo lieve en zachte knul blijkt een man met een plan die zich niet door een charmante feeks van de wijs laat brengen. ‘Ik heb hier al jaren ervaring in, ik weet echt wel wat ik doe’, zo vertrouwt hij ons later toe. Dat vrij heftige werk van Kyril, de Bulgaarse schilder, is niet zomaar op de plek neergehangen waar het nu hangt: naast een fresco van Sint Agatha. Een van de bekendste heilig verklaarde martelaressen. Haar borsten werden afgesneden als straf omdat ze zich niet aan een aardse man wilde onderwerpen, maar wel aan Christus. Ze staat daarom altijd afgebeeld met haar afgesneden borsten op een schaal of in haar handen. Geven de afbeeldingen van Kyril je al geen kippenvel, dan doet dit verhaal dat wel.

Ex Chiesa de San Nicolao Bellano El Duende

Het werk van Kyril naast de fresco van Sint Agatha

De vernissage is een ingetogen feestje. Vier van de acht deelnemende kunstenaars zijn aanwezig – de Duitse schilderes, een Canadese fotograaf, de Bulgaarse Kyril en Jaap natuurlijk – een klein groepje gasten, een journalist annex fotograaf van de plaatselijke krant. Er is een hapje, een drankje en op de achtergrond een jazzy muziekje uit een laptop. Terwijl de journalist de exposanten het hemd van het lijf vraagt, kwijt Marcello zich van zijn taak als gastheer en legt aan de bezoekers de aanwezige moderne kunst uit. Want: ‘Italianen hebben nu eenmaal meer met klassieke kunst, zoals de fresco’s op deze muren. Ik wil ze juist proberen warm te maken voor abstract werk’, aldus Marcello.

Ex Chiesa de San Nicolao Bellano El Duende

Marcello dirigeert de journalist/fotograaf en Jaap naar de plek waar Jaaps werk hangt

Ex Chiesa de San Nicolao Bellano El Duende

Jaap in gesprek met de Italiaanse krantenman

Ik schrik uit het relaxte sfeertje op als ik ineens ‘MaNaMaNa’… hoor. Zolang ik een mobiele telefoon heb, is dit Muppetmuziekje mijn ringtone en verdorie: ik had mijn telefoon toch uit gezet vanwege dit feestje? Klopt, mijn telefoon staat uit, en de Muppets blijken gewoon uit de laptop te komen. Nu ik toch met mijn telefoon in de hand sta, zet ik hem even aan en zie dan dat ik tien minuten daarvoor een telefoontje heb gemist. En een appje. Ineens doemt el duende in een heel andere gedaante op, en bezorgt me de rillingen en tranen. Na een lang ziekbed is mijn tante Dora overleden; de zus van mijn moeder die een tweede moeder voor mij werd. Gevoelens van opluchting en verdriet strijden om voorrang, maar het idee dat ze ‘in spirit’ hier en nu even aanwezig was, geeft uiteindelijk een warm gevoel